Overheden bezitten 190.000 ha landbouwgrond

Eind vorig jaar was 190.000 hectare landbouwgrond in eigendom van Nederlandse overheden: 46.000 hectare van gemeenten, 43.000
van het Rijksvastgoedbedrijf en 21.000 hectare van provincies. Staatsbosbeheer is de grootse bezitter van landbouwgrond met 53.000
hectare. Een groot deel van deze grond heeft primair de functie van natuur en wordt daarnaast agrarisch gebruikt. Van het totale landbouwareaal is 11% in handen van overheden. Een en ander blijkt uit cijfers die door het Kadaster en Wageningen Economic Research zijn gepubliceerd.

In de provincie Flevoland is bijna 40% van de landbouwgrond eigendom van overheden. Dit komt voort vanuit de inpoldering van de IJsselmeerpolders. Veel landbouwgrond is eigendom gebleven van de verantwoordelijke rijksdiensten. Doordat grotere (stedelijke) gemeenten uitbreidingsambities hebben, is daar bovengemiddeld veel landbouwgrond in handen van gemeenten. Lees de volledige rapportage hier: Overheidseigendom van agrarische grond

 

Voor alle biologische melkveehouders: rol en werkwijze zaakbegeleiders

Als uitvloeisel van de stikstof aanpak zijn nabij natuurgebieden circa 3000 boerenbedrijven aangemerkt als piekbelasters. Daaronder zijn ook biologische bedrijven. Om deze ondernemers bij te staan in het overzien van de consequenties hiervan, zijn zaakbegeleiders beschikbaar. In samenspraak met het ministerie van LNV en de RVO heeft De Natuurweide een toelichting geformuleerd over de rol en de werkwijze van de zaakbegeleider: Uitleg rol zaakbegeleider. De zaakbegeleider kan u dus begeleiden maar anderzijds fungeren zaakbegeleiders ook als doorgeefluik naar het ministerie over de uitwerking die een en ander heeft op individuele boeren en hun bedrijven.

In het gesprek met de zaakbegeleider kunt u aangeven waar u allemaal tegenaan loopt, waar u verbetermogelijkheden ziet en waar u bij geholpen zou willen worden. Uiteindelijk gaat het erom dat u als biologische melkveehouder voor de komende generaties met uw bedrijf volhoudbaar kunt ondernemen en duurzaam van dienst kan zijn voor het gebied waarin u zich bevindt.

Een zaakbegeleider kan alleen goed werk leveren wanneer uw visie op uw bedrijfsontwikkeling helder is. U houdt hierbij zelf het stuur in handen. We wijzen er nogmaals op dat een zaakbegeleider er niet alleen voor piekbelasters is maar voor ALLE biologische melkveehouders !

De Natuurweide ziet grote meerwaarde in het inschakelen van zaakbegeleiders. Wanneer er door zoveel mogelijk biologische melkveehouders een zaakbegeleider van LNV (via RVO) wordt ingeschakeld, komen de werkelijke vragen ook goed bij LNV boven tafel. Gezamenlijk met de biologische sector (wij dus) kunnen deze dan gerichter worden opgepakt. Hierover hebben we inmiddels toezeggingen en zien we hier ook op toe.

Wij adviseren u dan ook om hier serieus naar te kijken en in actie te komen. Ook wanneer u op dit moment nog denkt dat u toch nergens voor in aanmerking komt. Heeft u vragen of twijfelt u over de bedoeling van de inzet van een zaakbegeleider van LNV, laat dit ons dan weten via Secretariaat@denatuurweide.nl.

Wegens de privacy zal De Natuurweide via LNV nooit individuele zaken te horen krijgen. Dit zal altijd op hoofdlijnen zijn en nooit te herleiden naar het individu. Om goed toe te kunnen zien op de uitvoering bij LNV helpt het ons dat wij wel degelijk van individuele casussen op de hoogte zijn die daadwerkelijk op het bureau van LNV belanden. Mocht u zaken willen delen met ons dan horen wij dit graag via Secretariaat@denatuurweide.nl. Dit kan zowel schriftelijk als mondeling. Uiteraard gaat De Natuurweide vertrouwelijk om met uw gegevens.

LNV gedoogt bovengronds mest uitrijden

Minister Adema van LNV heeft in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven het bovengronds uitrijden van drijfmest van melkvee te gedogen in 2024. Het legaliseren van bovengronds uitrijden kost te veel tijd om dit voor het uitrijdseizoen voor elkaar te hebben. De voorwaarden die golden voor het bovengronds mest uitrijden van 2019 tot en met  vorig jaar, blijven van toepassing,

Boeren mogen geen gebruik maken van derogatie. De mest moet van eigen bedrijf komen en ook op het eigen bedrijf worden uitgereden. 85% van de grond moet in gebruik zijn als grasland en het stikstofoverschot mag maximaal 100 kg per hectare zijn.  Aanmelden kan per 1 februari tot uiterlijk 29 februari via de website van RVO. Daarop staat ook een volledig overzicht van de voorwaarden.

Advies Biohuis aan LNV: bescherm koplopers in biologische en natuurinclusieve landbouw

Op verzoek van het ministerie van LNV heeft Biohuis, de vereniging van biologische boeren en tuinders, advies uitgebracht over het voorkomen  van ongewenste effecten van o.a. stikstofbeleid. Hoewel in onderzoeken (zie WUR rapport Het perspectief van biologische landbouw) is aangetoond dat biologische landbouw een waardevolle bijdrage kan leveren aan doelen rond natuur, milieu en water zijn diverse biologische melkveehouders aangemerkt als piekbelasters. Daarmee is de continuïteit van hun bedrijven in gevaar. De Tweede Kamer heeft eerder in discussies rond het stikstofbeleid aangedrongen op het beschermen van bedrijven die vooroplopen in het beschermen en herstellen van natuur, waterkwaliteit en biodiversiteit.

In gesprek met Biojournaal legt Biohuis-bestuurder Maria Buitenkamp uit waar de schoen wringt: “Relatief veel van de voorlopers bevinden zich dichtbij kwetsbare natuurgebieden. De biologische landbouw levert daar juist een waardevolle bijdrage aan beleidsdoelen rond natuur, milieu en waterkwaliteit onder andere door lagere stikstofemissies en het afzien van chemische bestrijdingsmiddelen. Maar toch kregen diverse biologische veehouders in 2023 – vaak ten onrechte – de kwalificatie ‘piekbelaster’. Dat komt door het rekenmodel voor ammoniakuitstoot uit stallen, dat niet past bij de bedrijfsvoering van met name biologische melkveehouders.”

De Natuurweide-voorzitter Sybrand Bouma vult aan: “De bereikte resultaten van biologische bedrijven worden met dit model niet zichtbaar terwijl onderzoeken aantonen dat we meerdere emissies ruwweg halveren. Erkenning van onze resultaten in regelgeving is nodig voor onze bestaanszekerheid en versterkt een functionele inzet van biologische bedrijven in het landelijk gebied.”

Juist om prestaties van bedrijven te meten op een manier die recht doet aan het biologische systeem, is de Pilot BioMonitor Melkveehouderij gestart waaraan ook De Natuurweide bestuurders en leden wordt meegewerkt. Zie voor meer informatie de website van de Pilot BioMonitor.

De aanbevelingen van Biohuis aan het ministerie van LNV zijn de volgende:

  1. Erken de reeds doorgevoerde verduurzaming en extensivering van biologische bedrijven.
  2. Zorg voor deskundige zaakbegeleiders die helpen om voorlopers te beschermen.
  3. Stimuleer provincies om biologische landbouw op te nemen in de gebiedsplannen.
  4. Maak afspraken met banken, financiers en grondeigenaren over het (blijven) verstrekken van financiering en het verpachten van grond aan biologische boeren.
  5. Zorg dat Rijksdiensten biologische grond voor bio-bedrijven behouden, ook bij pachtuitgiftes.
  6. Zorg voor subsidie regelingen voor innovaties die niet alleen gericht zijn op stalsystemen en technieken, maar ook op innovatieve kennis- en monitoringsystemen zoals de BioMonitor, waarmee milieuprestaties gemeten en verbeterd kunnen worden.

Meer tijd voor LBV-plus

De Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderij voor ‘piekbelasters’ (LBV-plus) wordt verlengd tot eind dit jaar. De ‘stoppers regeling’ voor boeren dichtbij natuur met relatief veel depositie blijft dus langer open dan tot 1 april, zoals eerst de intentie was. Daarmee wil minister Van der Wal boeren langer de tijd geven om na te denken over stoppen.

Tot dusver hebben bijna 500 bedrijven zich aangemeld voor de plus-regeling, net iets minder dan voor de gewone LBV regeling. Een deel van de bedrijven heeft nog geen keuze gemaakt voor een van beide regelingen maar zich aangemeld voor beide. Vlak voor de kerst heeft minister Van der Wal het budget voor beide regelingen met 1,5 miljard euro verhoogd waardoor nu bijna drie miljard euro beschikbaar is.

 

Biobeurs 2024: minder bezoekers maar mooie contacten

De Biokennisweek en Biobeurs zijn weer achter de rug! De Biobeurs, het jaarlijkse ontmoetingsmoment voor de biologische sector, werd door 8.500 bezoekers bezocht en was daarmee rustiger dan voorgaande versies. Ook het aantal exposanten lag dit jaar lager.

Desondanks kijken we terug op een paar mooie dagen met interessante webinars en workshops en met waardevolle gesprekken. Niet alleen met leden van De Natuurweide maar bijvoorbeeld ook met niet-biologische boeren die denken aan omschakelen naar biologisch. Of studenten en jonge boeren die op kortere of langere termijn een bedrijf (willen) overnemen. In de gesprekken kwamen vraagstukken aan bod die er echt toe doen: over perspectief, over onzekerheden vanwege landelijke en lokale maatregelen die op stapel staan, over de ambities om als sector sterk te groeien of over praktische uitdagingen binnen het bedrijf. De stand van De Natuurweide blijkt toch iedere beurs een soort baken waar niet alleen biologische melkveehouders even hun licht komen opsteken maar ook zuivelverwerkers, collega-sectoren, beleidsbepalers, onderzoekers en media.

Eerste dag Biobeurs met veel goede gesprekken

De eerste dag van de Biobeurs bracht getalsmatig een kleinere stroom bezoekers naar de Brabanthallen in Den Bosch in vergelijking met vorig jaar. Dat neemt niet weg dat in de stand van De Natuurweide veel goede gesprekken werden gevoerd met biologische melkveehouders en landbouwers uit andere sectoren, zuivelverwerkers, belangenbehartigers en media over de ontwikkelingen in en rond de sector en de wijze waarop De Natuurweide de belangen behartigt van haar leden. Doordat de stand van De Natuurweide naast die van Stichting EKO is, werd ook in veel gevallen ook daar een vervolggesprek gevoerd. In beide stands waren leuke prijzen te winnen en dat zal donderdag weer het geval zijn. We hopen u dus te treffen in Den Bosch.

Daar is donderdag om 16.45 uur de presentatie van de Pilot BioMonitor met een toelichting op doelen en aanpak van het project en de waarde die de BioMonitor voor de biologische melkveehouderij zal hebben. Lees hier meer over de presentatie.

Minister Adema dicht gat in budget eco-regelingen van GLB

Minister Adema heeft bekend gemaakt dat er 50 miljoen euro vrij wordt gemaakt vanuit het Transitiefonds Stikstof en Landelijk Gebied om het tekort in het budget voor de eco-regelingen te dichten. Eerder bleek de omvang van de aanvragen voor een subsidie vanuit de eco-regelingen grotere te zijn dan het beschikbare budget vanuit het GLB. Dat betekende dat boeren de toegezegde vergoedingen voor maatregelen gericht op natuur, klimaat, milieu en dierenwelzijn leken mis te lopen. Door een verschuiving van middelen vanuit het Ministerie van Stikstof en Natuur zouden boeren deze vergoeding alsnog kunnen krijgen. De Europese Commissie moet nog wel instemmen met het beschikbaar stellen van deze extra middelen.

In de brief aan de Kamer wijst Minister Adema erop dat het verlagen van de vergoedingen voor geleverde ecosysteemdiensten een verkeerde signaal zou zijn voor boeren en tuinders die deze inspanningen leveren. Zij moeten zich juist gesteund voelen en gestimuleerd worden om maatregelen te treffen die goed zijn voor natuur, klimaat, milieu en dierenwelzijn. Ook wil hij voorkomen dat de toekomstige deelnamebereidheid van boeren en tuinders afneemt. tenslotte wijst hij op ongewenste inkomenseffecten voor de sector als verwachte vergoedingen achterwege blijven. De volledige tekst van de brief van de minister leest u hier.

Verplichte keuring brandveiligheid stallen

Voor veehouders wordt het verplicht om jaarlijks hun stallen te laten keuren op brandveiligheid, meldt demissionair landbouwminister Piet Adema. Daarnaast moet eens in de vijf jaar een controle van de elektrische installatie plaatsvinden. Alleen indien een bedrijf meer dan 175 koeien heeft, moet dit eens per drie jaar gebeuren. Doelstelling is om het aantal stalbranden terug te dringen. Het merendeel van de stalbranden ontstaat door defecten aan de elektrische installatie. Volgens het Economisch Instituut voor de Bouw (in een onderzoek uit 2018) had driekwart van de stalbranden voorkomen kunnen worden door betere controle van de elektrische installatie. Daarnaast liggen er vaak materialen in stallen die de risico’s op en impact van een brand vergroten.

De kosten van een elektrakeuring zijn afhankelijk van de grootte van de stal en het aantal aanwezige meterkasten en regelkasten. Een keuring varieert van 700 tot 5.400 euro, oplopend indien een herkeuring plaats moet vinden. In veel gevallen stelt een verzekeraar zo’n stalkeuring al verplicht maar deze verplichting wordt nu dus ook overgenomen door de overheid. Nadat de Raad van State dit besluit heeft gecheckt zal het worden ingevoerd. Een ingangsdatum is nu nog niet bekend.