Tweede Kamer wil dat biologisch gepachte grond biologisch blijft

De Tweede Kamer heeft een motie aangenomen waarin wordt gesteld dat grond die van de overheid wordt gepacht en biologisch gecertificeerd is, biologisch moet blijven. De motie was ingediend door Laura Bromet van Groen Links-PvdA). Door biologisch gecertificeerde grond van de overheid biologisch te laten blijven, wordt  de doelstelling van 15% biologisch landbouwareaal haalbaarder. Via het Rijksvastgoedbedrijf en Staatsbosbeheer heeft de overheid invloed op de verpachting van grond.

Minister Adema steunde in de debat de motie. Hij zegde toe zich hoer hard voor te maken bij minister Hugo de Jonge van Binnenlandse Zaken, die verantwoordelijk is voor het Rijksvastgoedbedrijf.

 

 

Crisisoverleg melkveepartijen met minister Adema

Naar aanleiding van het gesprek dat De Natuurweide vanochtend met andere organisaties uit de melkveehouderij met minister Adema heeft gevoerd, hebben we gezamenlijk onderstaande verklaring opgesteld:

Update crisisoverleg

De melkveehouderij zit in zwaar weer en de wanhoop onder melkveehouders wordt steeds groter. De noodzaak om snel tot een oplossing te komen voor de huidige situatie is groot.

Vanmorgen hebben de melkveepartijen een indringend maar constructief gesprek gevoerd met minister Adema over de problemen in de mestmarkt en over hoe de melkveehouderij kan bijdragen aan oplossingen. We hebben de overtuiging dat de minister de door ons geschetste acute problematiek herkent en onderkent. Er is gesproken over de ongewenste stapeling van maatregelen en over de noodzaak om te komen tot een integrale aanpak. Er wordt vervolg gegeven aan het gesprek waarbij we nader in zullen gaan op mogelijke oplossingsrichtingen.

LTO-vakgroep Melkveehouderij

Nederlandse Melkveehoudersbond

Dutch Dairymen Board

Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt

De Natuurweide

Netwerk GRONDig

Nederlandse Zuivel Organisatie

Zuivel NL

Zienswijze rond NPLG indienen tot 26 februari

Tot 26 februari is er de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen voor het ontwerp programma Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). In het NPLG staan zowel de nationale doelen als regionale doelen voor natuur, water en klimaat. Voor de landbouwsector en individuele agrarische ondernemers is dit programma en de regionale vertaalslag ervan Provinciaal Programma Landelijk Gebied), dus van groot belang. Denk aan maatregelen rond Natura-2000 gebieden, beekdalen of veenweidegebieden.

Het Rijk en de andere overheden trekken hierin samen op. In het NPLG wordt toegelicht hoe deze langjarige samenwerking eruit ziet en hoe dit op een lerende manier wordt ingevuld. De maatregelen uit het NPLG kunnen gevolgen hebben voor het milieu. Om de gevolgen voor het milieu in beeld te brengen stelt het Rijk een planMER op. Het planMER is een rapportage waarin de gevolgen van het beleid voor het milieu inzichtelijk gemaakt worden door de milieueffecten van de structurerende keuzes te beschrijven.

Op de website van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat zijn de bijbehorende documenten te downloaden en wordt uitgelegd hoe u uw zienswijze kunt insturen.

IFOAM-voorzitter Plagge: Bioboeren sluiten zich ook aan bij protesten

Volgens IFOAM Organics Europe, de  organisatie voor biologische boeren in Europa, zijn deze keer ook in deze sector boeren massaal de straat opgegaan om te protesteren tegen landbouwbeleid van nationale overheden en de Europese Unie. Dat meldt Ekoland. ‘Duizenden biologische boeren hebben zich aangesloten’, schrijft de Duitse IFOAM-voorzitter Jan Plagge in een verklaring.

Plagge pleit voor eerlijke prijzen en de erkenning voor de maatschappelijke extra inspanningen die biologische boeren verrichten: ‘Boeren die zich bezighouden met de agro-ecologische transitie worden niet goed beloond, noch door de markt, noch door het GLB. Veel biologische boeren lopen het risico de biologische certificering op te geven zonder betere steun van retailers en beleidsmakers.’

Plagge ziet ook problemen in de concurrentieverhoudingen: ‘De prijzen die aan biologische boeren worden betaald, zijn de afgelopen twee jaar in verschillende landen gedaald en zijn soms gelijk aan de prijzen die aan conventionele boeren worden betaald. Toch blijven detailhandelaren biologische producten tegen een hogere prijs verkopen, wat resulteert in hogere winstmarges, terwijl biologische boeren eronder lijden.’

Wel roept Plagge op om de het doel van de protesten zuiver te houden. Dat doel is eerlijke prijzen en eerlijke concurrentie: ‘De Green Deal en de Farm to Fork-strategie zijn cruciale beleidsmaatregelen en kunnen niet worden toegeschreven aan de oorzaak van de problemen van boeren, aangezien de meeste wetgevingsvoorstellen met betrekking tot de landbouw zijn geblokkeerd, verworpen of afgezwakt, en tot nu toe geen enkele impact op boeren hebben gehad. De transitie naar duurzame voedselsystemen kan niet alleen op de schouders van biologische boeren en consumenten rusten die bereid zijn meer te betalen voor voedselproductiemethoden die het klimaat en de biodiversiteit behouden. Boeren hebben eerlijke prijzen nodig die hun productiekosten weerspiegelen, en dit geldt nog meer voor boeren die het risico nemen om duurzamere landbouwpraktijken toe te passen, zoals biologische landbouw.”

Zorgen over stroom aan nieuwe regels voor de sector

Biologische melkveehouder Koos van der Laan uit Kamerik deelt in een gesprek met RTV Utrecht zijn zorgen over de stroom aan regels die op hem en de sector afkomen. Hij onderstreept dat er iets moet worden gedaan om de natuur minder te belasten. En ook dat de landbouw daar een belangrijke rol in kan en moet vervullen. Maar de hoeveelheid regels maakt het moeilijk om als boer de inkomsten op peil te houden. Als voorbeeld noemt Van der Laan de nieuwe regels rond het uitrijden van mest: “Elke boer gaat al zuinig om met zijn mest. Straks mogen we minder mest uitrijden, moeten we landstroken inleveren en in sommige gevallen overgaan op kunstmest. Maar kunstmest is echt niet de oplossing. Dat moet je aanvoeren met vrachtwagens en dat zorgt ook weer voor uitstoot en extra kosten.”

De Utrechtse gedeputeerde Mirjam Sterk Gedeputeerde Mirjam Sterk verwacht dat de natuur en de boeren snel gaan profiteren van het geld dat Den Haag beschikbaar stelt om de natuur te verbeteren. Provincies hebben voor miljarden aan plannen ingediend voor het landelijk gebied, onder meer om de stikstofuitstoot te beperken. “Agrariërs in de provincie wachten op perspectief en zijn ook gebaat bij deze middelen.”

Lees het hele artikel op de website van RTV Utrecht.

Minister Adema: focus op grondgebonden bedrijven bij aanpak mestmarkt

Tijdens het debat over de landbouwbegroting benadrukte Adema dat grondgebonden bedrijven juist de bedrijven zijn die we graag zien in Nederland en dat die nu juist zwaar getroffen worden door de hoge druk op de mestmarkt. “We moeten alles op alles zetten om dat type bedrijven voor Nederland te bewaren”, vindt Adema. Hij noemt daarbij ook de biologische melkveehouders. Extensieve bedrijven moeten door het aanscherpen van de mestnormen als gevolg van het afbouwpad van derogatie voor het eerst mest gaan afvoeren. “Intensieve veehouderijbedrijven hebben al heel lang de mestafzetkanalen op orde. Er is daar echt sprake van een scheefgroei”, aldus Adema.

De minister kijkt met de sector en banken hoe de druk van de markt gehaald kan worden. Hij zegt daarbij dat de financiële sector constateert dat veel bedrijven er nu al last van hebben, maar dat de pijn in 2025 en 2026 pas echt groot zal worden. Adema wil het beleid erop richten om die pijn te verlichten.

Gezamenlijk roepen LTO-vakgroep Melkveehouderij, Nederlandse Melkveehouders Vakbond, Dutch Dairymen Board, Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt, Netwerk GRONDIG en De Natuurweide de minister op om een oplossing te vinden. De afbouw van het mestgebruik gaat nu te snel voor melkveehouders om op te anticiperen. Snel Europees overleg is nodig om te komen tot het direct opschorten van de bemestingsvrije bufferstroken lang sloten en een gelijke behandeling van mineralen uit dierlijke mest en kunstmest.

Kamerlid Bromet: Biologische landbouw verplicht vak in landbouwonderwijs

Tijdens het LNV begrotingsdebat zijn afgelopen donderdag meerdere moties ingediend die de biologische landbouw steunen. Laura Bromet (GroenLinks-PvdA) diende meerdere moties in over de biologische landbouw, zo is te lezen op Ekoland. Ze wil bewerkstelligen dat schoollunches uit een programma van het Rijk standaard biologisch worden aangeboden. Daarnaast wil ze biologisch onderwijs een integraal onderdeel maken van de curricula van landbouwscholen en ten minste een vak biologische landbouw verplichten. Pachtgronden die biologisch gecertificeerd zijn wil ze borgen. Ook wil ze in kaart laten brengen van welke regelingen biologische boeren geen gebruik kunnen maken omdat ze voorloper zijn. Tijdens de stemmingen in de Kamer (komende dinsdag) wordt duidelijk welke moties een meerderheid halen.

Biohuis op de bres voor biologische pachters Staatsbosbeheer

Mede naar aanleiding van een oproep op deze website heeft Biohuis talloze klachten ontvangen over de wijze waarop Staatsbosbeheer (SBB) sinds kort omgaat met de openbare aanbieding van pachtgronden (via pachtgronden.nu). Verschillende biologische boeren die
jarenlang op duurzame biologische wijze de grond hebben beheerd, lopen dreigen deze kwijt te raken, met alle gevolgen van dien. Het Biohuisbestuur heeft de klachten verzameld en is in december in gesprek gegaan met Staatsbosbeheer.

Biohuis-bestuurder Arie van den Berg en voorzitter Pipie Smits van Oyen hebben tijdens het gesprek ingebracht dat het puntensysteem van SBB de biologische bedrijfsvoering onvoldoende beloont en en ook perverse prikkels bevat. Ook heeft Biohuis aan SBB verschillende wetenschappelijke rapporten van de WUR aangereikt waaruit blijkt dat biologisch goed scoort op het gebied van emissies, klimaat en
biodiversiteit. Smits van Oyen: ‘Voor biologische boeren is het onbegrijpelijk dat het rijk aan de ene kant, om duurzaamheidsredenen, de ambitie heeft het biologisch areaal te vergroten van 4 naar 15% en een staatsbedrijf als SBB tegelijkertijd beleid ontwikkelt met een puntensysteem dat biologisch amper beloont waardoor het areaal afneemt. Biogrond moet bio blijven.’

Biohuis heeft daarbij gewezen op een aangenomen motie van Tweede Kamerlid Bromet en een kamerbrief van demissionair minister Van der Wal waarin zij stelt rekening te willen houden met biologische bedrijven nabij natuurgebieden.

SBB heeft tijdens het gesprek nieuwe inzichten gekregen. ‘We gaan de onderzoeksrapporten bestuderen en de inbreng van Biohuis meewegen bij onze evaluatie begin 2024. We informeren jullie daar komend voorjaar over.’ Ook is afgesproken dat Biohuis in het eerste kwartaal het initiatief neemt om een bijeenkomst te plannen waarin gezamenlijk de kansen van een combinatie van biologische landbouw met natuurinclusieve landbouw worden verkend.

Mogelijk 3 miljard voor stikstofbeleid

Het lijkt erop dat de Tweede Kamer gaat instemmen met een investering van 3 miljard euro, waardoor het demissionaire kabinet door kan met de aanpak van de stikstofcrisis. Dat meldt de NOS. Er moet nog over worden gestemd in de Tweede Kamer (over twee weken) maar na twee dagen debatteren ziet het er voor demissionair minister Van der Wal van Natuur en Stikstof gunstig uit.

Het stikstoffonds van 24 miljard euro  om natuur te herstellen en boeren uit te kopen ‘sneuvelde’ doordat het kabinet viel. De vier partijen die nu in gesprek zijn over een nieuw kabinet, zijn kritisch op het landbouwbeleid van het demissionaire kabinet. Toch lijkt er een meerderheid te zijn om een deel van het oorspronkelijk stikstofbudget beschikbaar te stellen. Daarmee zouden provincies een begin kunnen maken met hun natuurplannen en piekbelasters uitgekocht kunnen worden.

Belangrijke drijfveer om toch op korte termijn geld beschikbaar te stellen is dat de landelijke politiek de energie in de regio’s om aan de slag te gaan met de stikstofaanpak, niet wil verliezen. Lees het volledige bericht op de website van de NOS.

WUR: verduurzaming kost boeren geld

De maatregelen om de melkveehouderij en akkerbouw te verduurzamen, hebben grote financiële gevolgen voor de boeren in deze sectoren. Dat blijkt uit onderzoek dat door Wageningen Economic Research is uitgevoerd. Het beeld varieert wel van bedrijf tot bedrijf maar over de hele linie is er sprake van inkomensverlies. Onderzoeker Roel Jongeneel licht op de website van WUR toe waar deze inkomensverliezen in zitten.

‘Ten eerste de derogatie, de stapsgewijze afname van plaatsingsruimte van organische mest van 230 naar 170 kilo per hectare. Die verlaging leidt tot een groter mestoverschot bij boeren en meerkosten om de mest af te voeren. Die meerkosten kunnen oplopen tot duizenden euro’s per jaar.

Ten tweede is de hectaretoeslag voor melkveehouders vanuit het Europees landbouwbeleid (GLB) verlaagd. Die verlaging bedraagt, afhankelijk van het bedrijf, zo’n 5.000 a 15.000 euro per jaar. De melkveehouders kunnen een deel van die verlaging via een eco-toeslag terugverdienen, maar in eerste instantie is dit een financiële tegenvaller.

Ten derde hebben we maatregelpakketten doorgerekend die de melkveehouders kunnen doorvoeren om de emissies van stikstof, broeikasgassen en nitraat te verlagen. Dan gaat het om maatregelen zoals gebruik van eiwitarm voer, meer weidegang, mest verdunnen, toevoeging van additieven aan het voer en mestvergisting. Allemaal maatregelen die werken, maar ze kosten geld. Daarbij hebben we voor meerdere bedrijfstypen een ontwikkelpad met maatregelen doorgerekend. Zo is er een ontwikkelpad met maatregelen voor een gangbaar extensief bedrijf dat wil omschakelen naar biologisch en een ontwikkelpad voor intensieve melkveehouders die onder meer investeren in stalsystemen om aan de stikstof- en klimaateisen te voldoen. Voor elk geselecteerd ontwikkelpad rekenen we de financiële consequenties uit.

Ten vierde hebben we gekeken naar subsidies voor duurzame landbouw. Zo kunnen de melkveehouders investeren in agrarisch natuurbeheer, houtwallen, waterpoelen, bescherming van weidevogels en een kruidenrijk grasland. Dat kost geld, maar de boeren krijgen daar een vergoeding voor vanuit het Europees landbouwbeleid en de nationale regeling voor agrarisch natuurbeheer. Punt van aandacht hier: er is momenteel te weinig budget voor deze regelingen.’

De extensievere boeren komen relatief gunstiger uit de berekeningen met inkomensverliezen tussen 25 en 50%. Ook zij moeten nog maatregelen nemen om de emissies van stikstof en methaan naar beneden te brengen. In veenweidegebied krijgen ze te maken met de effecten van verhoging van het grondwaterpeil en de invoering van bufferstroken om de uitspoeling van meststoffen naar het oppervlaktewater tegen te gaan. Lees de volledige toelichting op het onderzoek op de website van WUR.