Ook Zeeland lanceert eigen stikstofaanpak

In navolging van enkele andere provincies heeft ook de provincie Zeeland een stikstofplan opgesteld. Uitgangspunt is vrijwilligheid, legt gedeputeerde Wilfried Nielen uit op de website van de provincie: “Er wordt gewerkt aan gerichte maatregelen in de gebieden, waarbij draagvlak en maatwerk centraal staan. We gaan dat sámen doen met de mensen in de gebieden. Dit plan geeft richting. Het is geen blauwdruk! Boeren, ondernemers en andere betrokkenen weten zelf het beste wat wel en niet werkt. Dat vertrouwen hebben we en zo hebben we het in Zeeland altijd gedaan; met elkaar.” In het plan worden zes uitgangspunten genoemd:
– De uitvoering gebeurt samen met de mensen en partijen in het gebied.
– De focus ligt op de gebieden rond de twee Natura 2000-gebieden
– Alle sectoren leveren een bijdrage, van landbouw tot mobiliteit
– De maatregelen, met vooral innovaties, moeten leiden tot een aantoonbare daling van stikstofdepositie
– Er komt ruimte voor vergunningverlening, als de daling is geborgd
– Monitoring en bijsturing maken vast onderdeel uit van de aanpak

In een straal van drie kilometer rond de Zeeuwsche Natura2000-gebieden  (Kop van Schouwen, Manteling van Walcheren) moeten boeren de stikstofuitstoot reduceren met 30 tot 50%, o.a. via aanpassingen in stallen en mestaanwending. De provincie reserveert 20 miljoen euro voor de eerste fase van de aanpak.

Raad van State: stikstofdoelen kunnen niet zomaar uit de wet

De Raad van State is kritisch over het voornemen van demissionair minister Wiersma om de stikstofdoelen uit de wet te halen, zo meldt de NOS. Nederland is verplicht om de overbelasting van de natuur door stikstof te stoppen. In de jaren 2025, 2030 en 2035 moet respectievelijk 40, 50 en 74% van de natuur binnen de gestelde normen vallen. Deze concrete doelen zouden uit de wet gehaald moeten worden volgens de minister. In plaats daarvan zou de stikstofuitstoot in 2035 ‘aanzienlijk minder’ moeten zijn. Deze formulering is volgens de Raad van State te vaag en een plan om stikstofemissie te verminderen ontbreekt.

Minister Wiersma wil af van de normen, de Kritische Depositiewaarde (KDW), omdat deze variëren. Iedere tien jaar wordt opnieuw vastgesteld op welk niveau de KDW ligt. Ook haar voorganger, minister Van der Wal, heeft gekeken naar een alternatieve methodiek om stikstofdoelen te stellen maar slaagde hier niet in.

KringloopWijzer aangewezen als nutriëntentool

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) wijst de KringloopWijzer aan als officiële nutriëntentool, zo meldt ZuivelNL. Deze aanwijzing geldt per 1 januari 2026. Een nutriëntentool helpt boeren om inzicht te krijgen hoe mest, water en gewassen gebruikt kunnen worden om de kwaliteit van water, bodem en lucht te verbeteren. De EU stimuleert lidstaten om een nutriëntentool in te stellen voor de invulling van de Europese wetgeving. De KringloopWijzer sluit het best aan bij de praktijk van de Nederlandse melkveehouderij. De akkerbouwsector zal het BedrijfsBodemWaterPlan (BBWP) gebruiken als officiële nutriëntentool.

De officiële aanwijzing is ook gunstig voor de BioMonitor, die een verlengstuk vormt van de KringloopWijzer en gegevens daaruit gebruikt. De eindrapportage van de Pilot BioMonitor wordt binnenkort opgeleverd waarna het vervolg hierop kan worden bepaald.

Uitzondering voor bovengronds mest aanwenden verlengd

De vrijstelling voor het bovengronds aanwenden van runderdrijfmest )onder voorwaarden) blijft ook in 2026 van kracht. Demissionair minister van LVVN Wiersma schrijft dit in een brief aan de Tweede Kamer. Het rapport over de milieu-effecten van bovengronds mest uitrijden is nog niet opgeleverd.  Het gehele traject van besluitvorming voor nieuwe regels rond mest aanwenden, met instemming door de Tweede en de Eerste Kamer en een advies van de Raad van State, kan niet worden doorlopen voor het seizoen van mest uitrijden begint. Daarom wil de minister de uitzonderingssituatie nog een jaar voortzetten.

De Natuurweide is intensief betrokken bij het lopende en eventueel volgende onderzoeken naar de effecten van bovengronds mest aanwenden. Het verlengen van de vrijstelling voor bovengronds mest aanwenden is dan ook de meest logische beslissing die genomen kan worden.

Tweede Kamer tegen mestplan Wiersma

Een ruime meerderheid van partijen in de Tweede Kamer wil dat het mestplan van demissionair minister Wiersma van tafel gaat.  Dat meldt de NOS. Het plan moest boeren in staat stellen de komende vier jaar meer mest uit te rijden. Ook regeringspartij VVD stemde tegen het plan en vóór het voorstel van ChristenUnie  om het nieuwe mest- en waterbeleid over te laten aan het volgende kabinet. Er zijn grote zorgen over de effecten van het uitrijden van extra mest op met name de waterkwaliteit. Doordat er nog geen besluit is genomen over het nieuwe mest- en waterbeleid lijkt de Europese deadline van 1 januari 2026 niet te worden gehaald.

Weidegang blijft speerpunt voor gehele zuivelsector

In de ‘Routekaart naar een dierwaardiger en toekomstbestendige melkveehouderij’ van ZuivelNL wordt vastgehouden aan de ambitie om het aantal weidende koeien te vergroten en de duur van de weidegang te verlengen. Dat geldt voor melkvee maar ook voor jongvee. In het weidejaar 2025 paste 78,2% van de melkveebedrijven weidegang toe. Het aantal koeien dat geweid wordt en het aantal uren weidegang dalen de laatste jaren. Voor de biologische sector geldt dat de weidegang jaarlijks juist toeneemt.

Zuivelondernemingen, melkveehouderijorganisaties, het Ministerie van LVVN, de Dierenbescherming, banken, onderzoeksinstellingen, adviseurs en leveranciers zijn gestart met een strategische heroriëntatie. Het doel is de dalende trend ombuigen. De zuivelsector heeft daarom in het afgelopen half jaar een analyse uitgevoerd en wil in de loop van 2026 overeenstemming bereiken over nieuwe definities, doelen en aanpak. Wanneer dit gereed is, kunnen aanpassingen worden doorgevoerd in huidige afspraken. De Natuurweide kan en wil meedenken en -praten om de weidegang over de hele breedte van de melkveesector uit te breiden.

Rapporten over regelingen voor biologische landbouw

Uit twee rapporten over de mate waarin regelingen toegankelijk zijn en gunstig uitwerken voor biologische landbouwers, blijkt dat hierin nog volop ruimte is voor verbetering. Eerder dit jaar kwamen RVO en Caring Farmers in een gezamenlijk rapport tot de conclusie dat belemmeringen in de wet- en regelgeving de ontwikkeling van meer duurzame bedrijven in de weg zit. Met name generieke regelingen en de zware administratieve last worden als knelpunten genoemd. Het rapport ‘Toegankelijkheid regelingen en regeldruk voor biologische boeren’ geeft aan dat er vrijwel geen regelingen en subsidies zijn, die de opschaling van de biologische landbouw ondersteunen. Voor dit rapport heeft De Natuurweide ook haar zienswijze gegeven aan Bionext. Biologische boeren en tuinders zijn aangewezen op algemene landbouwsubsidies, vergoedingen, groene leningen en algemene belastingregelingen, die zijn toegespitst op het verduurzamen van de gangbare landbouw.

In contacten met het ministerie van LVVN verwoordt De Natuurweide regelmatig dat generieke maatregelen en regelingen in veel gevallen niet aansluiten op de praktijk van de biologische melkveebedrijven of zelfs averechts werken. Insteek hierbij is dat de biologische melkveehouderij een van de oplossingen kan zijn rond de vraagstukken die spelen rond o.a. stikstof, waterkwaliteit, natuurbehoud en -herstel. Vroegtijdig meedenken vanuit de biologische melkveehouderijpraktijk over te voeren beleid en door te voeren maatregelen, in samenspraak met het niet-biologische segment, moet ertoe leiden dat in een eerder stadium wordt gekeken naar stappen die bijdragen aan de ontwikkeling van de biologische melkveehouderij.

Consultatie over nieuwe pachtwet geopend

Op de website van de overheid (Overheid.nl) is de internetconsultatie over de nieuwe pachtwet geopend. De consultatie staat open tot en met 9 februari 2026.  Insteek van de wet is om meer met langlopende pachtconstructies te gaan werken. Daarnaast beoogt de nieuwe pachtregelgeving om meer ruimte te bieden aan partijen om duurzaamheidsafspraken te maken in pachtovereenkomsten ten aanzien van het gepachte. Specifiek voor pacht op natuurgronden beoogt de nieuwe pachtregelgeving meer flexibiliteit in de pachtovereenkomsten mogelijk te maken als dat nodig is om natuurdoelstellingen te realiseren en te beheren. Het wetsvoorstel stuurt aan op het werken met een aantal nieuwe pachtvormen:

(1) standaardpacht, met een looptijd van minimaal 24 jaar. Deze pachtvorm wordt de standaard pachtvorm ter vervanging van de huidige reguliere pacht. De aanvangsprijs wordt bepaald door de markt gekoppeld aan een jaarlijkse veranderindexatie. Er bestaat geen continuatierecht;

(2) continuatiepacht. Deze pachtvorm betreft een aangepaste voortzetting van de huidige reguliere pacht. Continuatiepacht verschilt van de bestaande reguliere pacht, doordat de pachtprijs is gebaseerd op een vrije aanvangsprijs gekoppeld aan een jaarlijkse veranderindexatie in plaats van op pachtnormen;

(3) kortlopende pacht, met een looptijd van maximaal 12 jaar waaraan een progressief prijsstelsel wordt verbonden;

(4) teeltpacht, met een looptijd van 1 of 2 jaar met een vrije marktprijs. Deze pachtvorm betreft een iets aangepaste voortzetting van de huidige teeltpacht;

(5) natuurpacht, met een looptijd van minimaal 6 jaar. Deze pachtvorm kan worden aangegaan als de te verpachten gronden een natuurfunctie hebben.

Inkomen biologische melkveehouders gemiddeld hoger in 2025

Onderzoek door Wageningen Social & Economic Research laat een groei zien van het gemiddelde inkomen van biologische melkveehouders met 36.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid. Hiervoor is de hogere prijs voor biologische melk de belangrijkste oorzaak, zo bericht Agrimatie. Daarnaast zijn ook de prijzen voor kalveren en slachtvee hoger. Hoewel de kosten van biologische melkveebedrijven toenamen, wordt deze stijging gecompenseerd door hogere opbrengsten. Het inkomensniveau van biologische melkveebedrijven ligt met gemiddeld 90.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid nog wel flink lager dan bij gangbare bedrijven (gemiddeld 120.000 euro per onbetaalde aje).

Tussen sectoren zijn grote verschillen waarneembaar. Pluimveehouders en bloembollentelers zagen hun inkomen flink stijgen, varkenshouders, glastuinbouwers en akkerbouwers zagen het inkomen dalen.

 

Keuzedeel Biologische melkveehouderij bij Aeres Leeuwarden en Barneveld

Vorig schooljaar konden studenten van Aeres MBO Leeuwarden voor het eerst het keuzedeel biologische bedrijfsvoering in de biologische melkveehouderij volgen. Vanaf dit schooljaar kunnen ook studenten in de Aeres-locatie Barneveld dit keuzedeel volgen. Het programma bestaat uit klassikale lessen en praktijkonderzoek, dat wordt uitgevoerd bij zgn. biospotboerderijen (voorbeeldbedrijven, inputbedrijven). Studenten kunnen kiezen uit de keuzedelen Verzorgen van grazers in natuurterreinen, Automatisch melken en Biologische landbouw. Vorig jaar kozen acht studenten voor het keuzedeel Biologische landbouw, zo is te lezen op de website SamenBioWijzer. Er was op een iets hoger aantal gehoopt.

In 20 weken tijd werden negen excursies gepland bij biologische melkveebedrijven. Daarnaast werd een bezoek gebracht aan een biologische groothandel. De bezoeken aan deze bedrijven en de ontmoetingen met ondernemers met praktijkervaring werden zeer gewaardeerd door de studenten.