Climate Farm Demo bijeenkomsten in september

In de maand september vinden op vier verschillende bedrijven interessante bijeenkomsten plaats in het kader van de Climate Farm Demo. Dit Europese project richt zich op het aanpassen van landbouwproductiesystemen aan klimaatverandering. Op demo-bedrijven in heel Europa worden slimme landbouwpraktijken en -oplossingen getoond en toegelicht. De demonstratiebijeenkomsten vinden plaats bij:

Arie Poot in Tinallinge (Gr.):  Meer verdienen door maximaal weiden en minimaal krachtvoer op 5 september
Jan en Johanneke Woudstra in Menaldum (Fr) : Klimaatbestendiger via voederhagen op 6 september
Marco van Liere in Esbeek (NB):Kurz rasen voor een hoge melkproductie op 16 september
Jos Elderink in De Lutte (Ov.):  Minder krachtvoer? Grasdrogen met zonnepanelen! op 24 september

Meer informatie over deze bijeenkomsten, locaties, tijdstippen en wijze van aanmelden vindt u in de agenda.

Drentse subsidie voor duurzame veehouderij

Melkveehouders in de provincie Drenthe kunnen een subsidie ontvangen van maximaal 13.000 euro voor verduurzaming van de bedrijfsvoering. Met de subsidie kunnen werken aan maatregelen die ten goede komen aan bodemkwaliteit, klimaat, water en biodiversiteit. Voor de subsidieregeling is 7,8 miljoen euro beschikbaar. Bedrijven moeten over actuele Kringloopwijzergegevens beschikken.

De subsidie wordt uitgekeerd op basis van behaalde resultaten zoals:
– verlaging van stikstof- en fosfaatoverschotten,
– minder uitstoot van ammoniak en broeikasgassen
– uitgebreidere weidegang en meer biodiversiteit
– efficiënter gebruik van eiwit van eigen land.

Aanvragen voor de subsidie kunnen worden ingediend tussen 12 augustus en 31 oktober.

 

Rabobank rapport: maatwerk nodig in veenweidegebieden

In een toekomstvisie voor de veenweidegebieden, pleit de Rabobank voor maatwerk in de verschillende veenweidegebieden. Er zijn gelijkenissen tussen de veenweidegebieden maar ook verschillen die een rol moeten spelen bij de aanpak in de veenweidegebieden in Friesland, Overijssel, Utrecht, Noord- en Zuid-Holland. Per gebied moet worden gekeken naar de optimale balans tussen de agrarische functie en de natuur. Extensieve bedrijfsvoering past goed in veenweidegebieden.

In deze gebieden, die zo’n 20% van alle grasland bevatten, vinden we 20% van alle melkveebedrijven. De veenweidegebieden kennen twee grote uitdagingen: bodemdaling en relatief hoge CO2-uitstoot door veenoxidatie. Overheden en waterschappen willen het waterpeil in veenweidegebieden verhogen maar worstelen met wetgeving en benodigde (technische) aanpassingen in de gebieden. Na de zomer wordt een nieuwe Nota Ruimte verwacht, als uitwerking van de Nationale Omgevingsvisie.

Voor melkveehouders zijn er verschillende beloningen voor inspanningen voor natuur, water en klimaat. Vanaf 2026 komt jaarlijks 500 miljoen euro extra beschikbaar voor agrarisch natuurbeheer. Hiervan komt 200 miljoen beschikbaar voor Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) zodat meer areaal waar vergoedingen worden toegekend aan boeren, wordt uitgebreid.

Cijfers ZuivelNL: bio melkveehouderij blijft groeien

Uit de jaarlijkse marktcijfers van Zuivel NL blijkt dat de biologische melkveehouderij in 2024 groeide, zowel in aantal bedrijven als in melkvolume. Ten opzichte van 2020 groeide het aantal biologische melkveebedrijven van 484 naar 538. Daarmee is het aandeel van biologische melkveebedrijven in het totaal aantal melkveebedrijven gestegen van 3,1% naar 3,9%. Het gemiddeld aantal melkkoeien per biologisch bedrijf nam in dezelfde periode toe van 82,7 naar 86,9 (+4,2). Gemiddeld over alle melkveebedrijven nam het aantal melkkoeien sterker toe: van 101,3 naar 111,2 (+9,9). De melkgift per koe nam op biologische bedrijven licht af, van 7.090 kg naar 7.050 kg (-40 kg). Gerekend over alle bedrijven nam de melkgift juist toe: van 9.133 kg naar 9.300 kg (+167 kg). De totale biologische melkproductie lag in 2024 op 343 miljoen kg. Dat is een toename ten opzichte van 2020 van 48 miljoen kg. Het aandeel ‘biologisch’ in de totale melkproductie nam toe van 2% in 2020 naar 2,4% in 2024.

Urgenda lanceert 7-vinkjesproject: steun voor natuurinclusieve landbouw

Urgenda heeft de details van haar zgn. 7-vinkjesproject bekend gemaakt. Met dit project wil Urgenda de transitie naar een natuurinclusieve landbouw stimuleren. Boeren die meedoen krijgen 19 jaar lang 1.000 euro per hectare om aan ‘7 vinkjes te voldoen’ zoals minder kunstmest en pesticiden, meer bomen en struiken en beter bodembeheer, koeien in de kruidenrijke wei en minder koeien per hectare. Het project komt voort uit Landinzicht, dat een toekomstscenario schetst voor gezonde voeding en verantwoord landgebruik in Nederland. De eerste 20 deelnemers starten dit jaar.

Urgenda stelt op haar website dat Nederland voor grote opgaven staat: schoner water, klimaatverandering remmen, natuur herstellen met een grote impact op het boerenbedrijven. De organisatie vindt dat de verantwoordelijkheid en risico’s niet enkel bij de boeren horen te liggen, maar bij de hele maatschappij. De eco-regelingen en agrarisch natuurbeheerbudgetten kennen de nodige administratieve rompslomp en onzekerheid. Om langduriger zekerheid te hebben, biedt een bijdrage van 1000 euro per hectare gedurende een periode van 10 jaar, meer mogelijkheden om maatregelen door te voeren en bedrijfsvoering aan te passen.

Belangstellenden kunne meer lezen op de speciale website van het 7-vinkjesproject.

Biologische koeien herstellen natuur op Terschellinger kwelder

Koeien van de Terschellinger biologische melkveehouder Corné Zorgdrager grazen sinds deze week op de Boschplaats op Terschelling. Op deze ruige kwelder lopen nu acht koeien, kruisingen van Fleckvieh, Brown Swiss en Holstein. Dit mengras koeien gedijt goed bij het eten van wat ruigere vegetatie. Niettemin zal Corné Zorgdrager de gezondheid van zijn koeien de komende periode goed in de gaten houden, zo vertelde hij aan Omrop Fryslân. Corné Zorgdrager is deelnemer aan het samenwerkingsverband Wad Extensief! in het kader van de project ‘Extensivering in en rond stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden’. Binnen dit vier jaar durende project werken melkveehouders in en anbij stikstofgevoleige Natura-2000 gebieden aan het verlagen van emissies en herstel van natuur. Het laten grazen van droge koeien (en mogelijk later ook nog enkele oudere kalveren) op de kwelder is een manier om zijn bedrijf nog extensiever te maken en het draagt bij aan herstel van kwetsbare, waardevolle natuur.

Boswachter Remi Hougee van Staatsbosbeheer legt bij Omrop Fryslân uit dat deze manier van beweiden uniek is voor de Boschplaat. De stap past binnen een bredere aanpak om de diversiteit en soortenrijkdom weer enigzins terug te brengen naar wat die ooit was. Door verruiging zijn plantensoorten en vogels (zoals de wulp) in de verdrukking gekomen. Hougee: “De koeien eten natuurlijk het grasachtige, voedzame spul ertussenuit. Dat is heel gunstig, want dan kunnen soorten die meer bij een kwelder horen daarvan profiteren. Dan kun je denken aan kattendoorn die er zo tussen staat, Engels gras en wat zuidelijker zit je ook in de lamsoorvegetatie.” Zie ook de reportage van Omrop Fryslân (vanaf minuut 6:15).

Vierjarig kennisprogramma ondersteunt doorontwikkeling biologische sectoren

Nederland heeft een ambitieuze groeidoelstelling voor de biologische landbouw: een groei naar 15% biologisch landbouwareaal. Hieraan is ook een opschaling van consumptievolume verbonden maar is ook een versnelling nodig in het vergaren en delen van kennis. Hiervoor heeft het ministerie van LVVN geld beschikbaar gesteld. Vervolgens heeft het Louis Bolk Instituut met afgevaardigden uit de sector geïnventariseerd welke kennis- en onderzoeksprogramma’s al lopen en welke nog moeten worden toegevoegd om de ambities waar te kunnen maken. Hierin hebben o.a. bestuurders en melkveehouders namens De Natuurweide en EKO Holland meegedacht en meegepraat voor de melkveehouderij (er is ook ene programma gericht op akkerbouw). De uitkomst is een onderzoeksprogramma onder de noemer Versnellingsspoor biologische landbouw, gericht op huidige en toekomstige biologische melkveehouders en akkerbouwers met als doelen:
– Robuuste teelt en graslandproductie
– Slimmer omgaan met nutriënten in de bodem
– Verbetering van dierwaardigheid en -gezondheid
– Sluiten van kringlopen
– Verminderen van de ecologische voetafdruk
– Bijdragen aan maatschappelijke doelen zoals klimaat, bodemkwaliteit, biodiversiteit en schoon water

Voor de melkveehouderijsector zullen onderzoeken worden opgestart rond de volgende thema’s:
– Lange termijn bodemvruchtbaarheid en mestbenutting
– Graskwaliteit en eiwit van eigen land
– Antibioticavrij werken en kalf bij de koe
– Effect van rantsoenen op melk- en vleeskwaliteit
– Kosten en baten van melk en andere maatschappelijke doelen
– Samenwerking met de BioMonitor

Bestuurders en melkveehouders vanuit De Natuurweide en EKO Holland  zullen tijdens de uitvoering (het programma duurt vier jaar) mee blijven denken en praten over de voortgang en de resultaten en bijdragen aan verspreiding van de opgedane kennis en inzichten.

Nieuw keuzevak op Universiteit Utrecht gericht op preventie bij diergezondheid

De Universiteit Utrecht bood dit schooljaar een nieuw keuzevak: Natural livestock farming. Het vak richt zich met name op bodem en kringlopen en de inzet van natuurlijke middelen bij dieren als alternatief voor antibiotica. Vanuit de biologische melkveehouderij kwam de wens naar voren om meer te willen leren over deze onderwerpen. Ook leefde de wens dat veeartsen meer kennis en inzicht zouden opdoen over de biologische melkveehouderij. In samenwerking met het Louis Bolk Instituut (LBI) is een programma opgesteld waarin bovengenoemde onderwerpen waren opgenomen. Circa 20 studenten meldden zich aan voor het keuzevak.

Nick van Eekeren van het LBI verzorgde een gastcollege over bodembiologie in relatie tot ruwvoer en diergezondheid. In vervolg op dit keuzevak doen enkele diergeneeskunde studenten een stage bij het Louis Bolk Instituut. Ze worden ingezet voor literatuuronderzoek op gebied van antibioticavrije melkproductie en de voederwaarde en gezondheidsaspecten van voederhagen. Deze informatie wordt o.a. gebruikt voor onderzoeken in het kader van het versnellingsspoor biologische landbouw. Lees meer over Natural livestock farming op LinkedIn.

Gemeenten en waterschappen bezorgd over teruggang grasland

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het netwerk van kleinere gemeenten in Nederland (K80) en de Unie van Waterschappen zijn bezorgd over de teruggang in de oppervlakte blijvend grasland. Ze hebben hierover een brief gestuurd naar de ministeries van LVVN, Infrastructuur en Waterstaat  en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Onder andere door beëindigingsregelingen verdwijnen melkveebedrijven waarvan in veel gevallen het blijvend grasland vervolgens wordt omgezet naar andere teelten. Dit leidt vervolgens tot een toename van het gebruik van meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen en water met negatieve gevolgen voor natuur, water, bodem en volksgezondheid.

De afzenders dringen aan op een samenwerkingsaanpak in de regio om aan opgaven te werken in onderlinge samenhang. Het (toekomstige) gebruik van grond moet in het licht van alle maatschappelijke opgaven worden bepaald. Daarbij is ook het ruimtelijk-economisch perspectief van een gebied een belangrijk aspect.

De organisaties vragen verder specifiek aandacht voor de volgende punten:
1. Ondersteuning van  gemeenten en regio’s in een integrale aanpak van de opgaven rondom veranderend grondgebruik. Waarbij gekeken moet worden naar een heldere rolverdeling tussen gemeenten, provincies, waterschappen en het rijk bij de sturing op grondgebruik.
2. Het bieden van een landelijk beleidsmatig kader voor het gebruik van (chemische) gewasbeschermingsmiddelen en het al dan niet toestaan van bepaalde teelten in gebieden met opgaven op het gebied van natuur, water, bodem en in gebieden rondom kwetsbare functies (zoals wonen, scholen, ziekenhuizen) i.v.m. de volksgezondheid. Onderscheid tussen landbouw voor voedselproductie en boom- en sierteelt. Dit punt gaat dus nadrukkelijk verder dan de rol van het rijk gericht op de toelating van gewasbescherming, en gaat onder meer over de vraag op welk soort locaties (chemische) gewasbeschermingsmiddelen wel en niet zijn toegestaan.
3. Juridische ondersteuning van gemeenten bij de sturing op grondgebruik/teelten c.q. het beperken van het gebruik van (chemische) gewasbeschermingsmiddelen in genoemde gebieden.

Melkveestapel afgelopen jaar gekrompen

Ten opzichte van een jaar eerder nam de melkveestapel kromp de veestapel met 3,3% (peildatum 1 april 2025), zo blijkt uit een rapportage door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In Nederland zijn nu 3,65 miljoen runderen, waarvan 42% melkkoeien zijn. Dat is een afname van 1% ten opzichte van het jaar ervoor. De daling bij jongvee was nog sterker: -6,3%. Ten opzichte van 2015 is dat een daling met een derde.

Het aantal melkveebedrijven nam af met 3,7% naar 13.400. Ten opzichte van 2015 is het aantal melkveebedrijven is met ruim een kwart afgenomen. Het gemiddeld aantal dieren per bedrijf neemt wel toe. In 2025 is dat aantal 114, drie meer dan een jaar geleden.

De cijfers komen uit de Landbouwtelling per 1 april van dit jaar. In maart van 2026 worden de cijfers definitief.