Vroeger en later weiden in seizoen helpt bij verlagen methaan

Door eerder te beginnen met weiden en in het najaar langer door te gaan, kunnen melkveehouders nog meer vers gras benutten. Dat helpt om de methaanuitstoot uit de pens van de koe verlagen. Dat concludeert onderzoeker Bert Philipsen van Wageningen Livestock Research op de website van Netwerk Praktijkbedrijven. Vooral op bedrijven die pas na de eerste snede beginnen met weiden of die na 120 dagen definitief stoppen met weiden, ziet Philipsen kansen: “We zien de laatste jaren dat het groeiseizoen één tot twee weken eerder begint en ook één tot twee weken langer doorgaat. Tegelijk worden warmte en droogte midden in de zomer extremer. Daardoor liggen er vooral in het voorjaar en najaar kansen om meer vers gras te benutten. Op droge zandgrond in het oosten en zuiden houden steeds meer melkveehouders al rekening met een zomerstop. Zij zetten de koeien soms vier, zes of acht weken op stal, omdat er buiten te weinig goed gras staat. Zodra het gras na regen weer begint te groeien, kun je de beweiding opnieuw opstarten. Het weideseizoen hoeft dus niet definitief voorbij te zijn na een droge zomer.”

Weidegang verlaagt volgens Philipsen de methaanuitstoot op twee manieren: “Een klein deel van het effect komt doordat mest rechtstreeks in het weiland valt en niet in de mestkelder of opslag terechtkomt. Urine mengt zich zodoende niet met de vaste mest en er is minder direct contact. Het grootste effect komt echter uit de pens. Vers gras wordt anders verteerd dan ingekuild gras. Daardoor maken de micro-organismen in de pens minder methaan. Proeven laten in het voorjaar ongeveer 10 tot 30 procent minder methaan uit de pens zien. In de zomer ligt dit effect globaal tussen 0 en 10 procent en in het najaar tussen 5 en 15 procent. Dit hangt samen met de samenstelling van het gras en de manier waarop koeien grazen. Mogelijk spelen de gehalten aan ruw vet en suiker in het verse gras een rol. Die zorgen voor een ander patroon van vluchtige vetzuren in de pens. Het exacte mechanisme kennen we nog niet, maar het effect is wel in meerdere jaren en ook internationaal aangetoond. Het onderzoek naar de precieze verklaring gaat daarom door.”

De genoemde percentages zijn globale uitkomsten uit proeven. Hoe groot het effect op een bedrijf is, hangt samen met de hoeveelheid vers gras in het rantsoen en de manier waarop de koeien grazen.